
Onze duinen worden bedreigd door zeespiegelstijging, stikstof en afnemende biodiversiteit. Daarom is een aantal jaren geleden het samenwerkingsverband Dynamisch Kustbeheer in het leven geroepen. Loek Buter verdiepte zich een jaar lang in de Nederlandse kust en keek hoe het er nu met de duinen voorstaat. Onderweg legde hij zowel het wisselende landschap als de mensen en de dieren vast.

Op Texel vind je ze nog: slufters, open verbindingen tussen land en zee waar het zeewater nog dagelijks twee keer met eb en vloed de duinen binnenkomt. Ooit zat het kustlandschap er vol mee, maar inmiddels zijn ze grotendeels verdwenen. Om ons te beschermen tegen de zee hebben we de duinen door de eeuwen heen vastgezet met helmgras en dennenbossen. Dit ‘fixeren’ heeft tot afname van de biodiversiteit geleid en stopte ook de natuurlijke groei van de duinen. Om dit op te lossen moet onze kustlijn moet weer dynamisch worden. Daarom worden er nu langs de Nederlandse kuststrook dennenbossen gekapt en kunstmatige inkepingen, kerven, gegraven, waarbij de bovenste meters duin wordt weggehaald. Hierdoor kan de wind het zand weer in en achter de duinen afzetten en gaan ze weer stuiven. “Door stikstofdepositie zijn een aantal soorten dominant geworden”, vertelt Loek Buter, “zoals bepaalde grassen en bramen. Als de duinen weer vrij kunnen gaan ‘wandelen’, krijgen andere soorten weer een kans Het mooie is, dat tegelijkertijd de duinen weer zullen gaan groeien.”
Loek Buter (1982) is documentair fotograaf. In zijn werk richt hij zich veelal op de relatie tussen mens en natuur in het Nederlandse landschap. Hij volgde een opleiding aan de Fotoacademie in Amsterdam en is sinds zes jaar fulltime fotograaf. Zijn foto’s worden onder meer gepubliceerd in De Volkskrant, NRC, National Geographic en diverse buitenlandse kranten en tijdschriften. In 2021 won hij bij de Zilveren Camera de eerste prijs Documentair Nationaal met de serie Een beer in de polder. Dit jaar ontving hij de Nominatie Zilveren Camera 2024 Natuur en Wetenschap, voor zijn serie De slufter, de monnik en de halve maan – de wandelende duinen van Nederland.
loekbuter.com
Tegenstrijdig
Dynamisch Kustbeheer is een internationaal toonaangevend en innovatief samenwerkingsverband van kustbeschermers, natuurorganisaties, het bedrijfsleven en de overheid. “Best wel uniek voor Nederland waar we het landschap altijd zoveel mogelijk onder controle willen houden en daar wringt de schoen ook. Niet iedereen is het eens met deze vorm van duinbeheer, uit angst voor overstromingen en vanwege het verlies van bossen. In de buurt van Castricum zijn vorig najaar diverse kerven gegraven in de duinen. Er zijn dan mensen die denken dat er te veel zand wordt op gegraven, en zijn bang dat de duinen kunnen doorbreken. Complotdenkers op social media wakkeren dat vervolgens terwijl er geen enkel risico is. Uiteindelijk is de aannemer van de klus bedreigd. Het ligt heel gevoelig.

Bij Schoorl is bijvoorbeeld een dennenbos gekapt van 30.000 bomen. Dat heeft ook iets tegenstrijdigs, want je haalt een groot stuk natuur weg om iets nieuws te creëren. Daar hebben mensen rechtszaken aangespannen. Maar in Zeeland hebben ze ook zo’n bos gekapt en daar heeft niemand zich ermee bemoeid. Met name Noord-Holland is zo dichtbevolkt dat iedereen er meteen wat van vindt, wat ik ook weer interessant vind. Tijdens het fotograferen komen voorbijgangers al snel een praatje met je maken. Je hoort dan veel dat het zo zonde is dat het bos gekapt wordt. Later kom je diezelfde mensen tegen in een nabijgelegen gebied waar al kerven zijn gemaakt en zie je dat ze zich lopen te vergapen aan de schoonheid van die stuivende duinen.
Mensen staan vaak meteen met hun oordeel klaar, zonder dat ze weten wat ze ervoor terugkrijgen. Als je het dan zelf ervaart, zie je dat er iets heel moois voor terugkomt. Er worden ook alleen maar kerven gegraven op plekken waar de duinen een paar kilometer breed zijn, anders is het risico te groot. Sommige duinen waarbij al tien jaar eerder kerven zijn gegraven, zijn inmiddels alweer dicht gestoven. Het hangt echt van de zeestroming en de wind af of het openblijft, daar zijn ze nog mee aan het experimenteren.”

Monniken
Loek is al jaren gefascineerd door de duinen, omdat hij het zo’n mooie plek vindt. “Die vormen en figuren die het stuivende zand maakt, dat ‘wandelen’ van de duinen, vind ik geweldig. Je kunt naar Marokko gaan en daar mooie zandduinen gaan bekijken. Dat heb ik dan ook gedaan, maar we hebben ze ook in Nederland.” Toen hij zich meer in de duinen begon verdiepen ontdekte hij dat het monniken waren die ooit als eerste hun toevlucht zochten in de zandduinen in de buurt van Egmond. “Onder hun leiding is het landschap ontgonnen en zijn ze dijken aan gaan leggen. Enerzijds om de zee buiten te houden en anderzijds om die wandelende duinen te stoppen en te fixeren met helmgras. Het zand stoof overal overheen, je kon er eigenlijk geen landbouw plegen. Daarna zijn er steeds meer mensen rondom die duinen gaan wonen en zo heeft Laag-Nederland zich langzaam ontwikkeld.”
Het was daarom eigenlijk ook vanzelfsprekend dat Loek begon met fotograferen bij de Sint-Adelbertabdij in Egmond-Binnen waar nog altijd monniken wonen. Hij legde er onder meer Geerard Labeur vast, een monnik die dagelijks wandelt, fietst en mediteert in de duinen en zo vaak mogelijk in zee zwemt. “Hij staat voor mij min of meer symbool voor het verleden met de wandelende duinen en hoe wij zijn begonnen met het fixeren van de duinen. Nu de wandelende duinen weer terug mogen komen is de cirkel weer een beetje rond, dat vind ik dan zo mooi. De monniken wisten ook als een van de eersten dat de getijden door de invloed van de maan komen.”

Vrijbuiters
Verspreid door het jaar heeft Loek Buter uiteindelijk zo’n vijftig dagen gefotografeerd in het 250 kilometer lange kustgebied tussen Zeeland en de Wadden. Onder meer de beurs die hij van Stichting Oog op de Natuur ontving, stelde hem in staat om er zo’n lange periode aan te werken. Hij zocht contact met Staatbosbeheer, Natuurmonumenten en diverse natuur- en landschapsorganisaties. “Ik ben veel met boswachters op pad geweest want je kunt niet overal zelf komen, of het is verboden. Je mag in Nederland niet altijd afwijken van de fiets- wandelpaden, wat ik natuurlijk wel wilde. Je hebt ook met het broedseizoen te maken. Van die boswachters leer je ook veel.” Hij ging met Rijkswaterstaat mee de waddenzee op naar zandplaten, legde de variaties in landschap vast, ontmoette mensen, recreërend of aan het werk, maar legde ook zendapparatuur uit de Koude Oorlog of een door de jaren heen scheefgezakte bunker vast.

Ook was Loek Buter een dag op bezoek in Bakkum bij een vogelringstation, waar ze metingen en onderzoek doen. “Ik heb een foto gemaakt van vogels die worden vrijgelaten. De werknemer zei tegen me, ‘als ik het deurtje opendoe, dan vliegen ze meteen richting zuiden’. Dat wist hij al precies, want het waren trekvogels en het was najaar. En inderdaad, toen het luikje openging vlogen ze direct naar het zuiden. Ik vind het altijd interessant om de band tussen mensen en de natuur te laten zien en dit laat voor mij bij uitstek die connectie zien.” Meestal ontstaan ontmoetingen met mensen spontaan, maar Loek zoekt vooral naar mensen die echt zichzelf zijn. “Dat is nog knap lastig. Ik ben blij dat het gelukt is om er een aantal te vinden. Zoals de helmgrassteker op Texel; die ben ik gewoon tegen het lijf gelopen. Een heerlijke vrijbuiter die daar aan het werk was voor Staatsbosbeheer. Iemand die echt nog vergroeid is met de natuur. In de buurt van Egmond vind je nog mensen met moestuintjes en eigen plekken in de duinen. Ik vind dat fantastisch hoe mensen er hun eigen vrije haven hebben gemaakt. Ze hebben allemaal hun eigen verhaal. Er zijn niet veel meer van die plekken in Nederland. Dat is jammer, want die mensen hebben veel kennis van de natuur en die verdwijnt dan.”
Kanarie in de kolenmijn
Loek Buter fotografeert veelal met een Hasselblad, maar vanwege de hoge kosten van film, ontwikkelen en scannen, zo’n 4 euro per opname, kocht hij voor dit project een Fuji GFX. Via een adapter kon hij wel zijn Hasselblad-objectieven gebruiken. Ook heeft hij met een drone gewerkt. “Sommige beelden kun je echt alleen maar vanuit de lucht maken, zo’n stuivend duin is lastig om vanaf de grond goed in beeld te brengen. Ik heb ook vanuit de lucht rondlopende konikpaarden en hooglanders vastgelegd. Ik vind het ook leuk om mezelf te blijven ontwikkelen en werk er steeds meer mee. De serie Moordenaarsbraak die ik deze winter maakte, heb ik helemaal met een drone gemaakt. Dit laat de geschiedenis van dijkdoorbraken in Noord-Holland zien, nog steeds zichtbaar in het landschap in de vorm van bochten in de dijken. Ik ben zelf geboren en getogen in Noord-Holland en heb mijn hele jeugd over die dijken gefietst. Alle slingers en bochten in de dijken, die je altijd voor lief hebt genomen, zijn wel het resultaat van dijkdoorbraken geweest uit het verleden. Dat wist ik helemaal niet.”

Deze zomer gaat Loek Buter op pad met zijn nieuwe macrogroothoeklens die hij gaat gebruiken voor een nieuw project over inheemse wilde orchideeën. “In de duinen kwam ik tot mijn verrassing ook orchideeën tegen. Ik had geen idee dat er in Nederland zo’n veertig inheemse wilde orchideeën voorkomen. Ze zijn allemaal bedreigd. Het is een heel kwetsbare plant die snel reageert op veranderingen in hun leefomgeving. De orchidee is een beetje de kanarie in de kolenmijn voor de huidige klimaat- en stikstofproblematiek. Het gaat het mij hierbij niet om alleen om mooie orchideeënfoto’s maar ook weer om hoe wij mensen bezig zijn met het in stand houden van de soorten. Ik houd hoop, maar ik denk dat we nog wel wat uitdagingen tegemoet gaan voordat er een nieuwe balans is tussen de mens en de natuur. Ik heb van nature een wat melancholische inborst, maar met mijn fotografie wil ik naast de kwetsbaarheid en schoonheid van de natuur juist het positieve benadrukken. En wie weet lukt het om wat mensen van inzicht te doen veranderen.”
Dit artikel komt uit Focus #3, 2025, deze is nog verkrijgbaar in onze webshop.




