Coirón is de naam van het inheemse gras dat op de Patagonische pampa groeit. Het trotseert wind, kou, droogte en arme grond en overleeft waar bijna niets anders het volhoudt. Zes jaar lang fotografeerde Pie Aerts in de Chileense regio Magallanes, waar hij oudere gaucho’s – bekend als puesteros – volgde. Deze slinkende groep mannen leeft in bijna volledige afzondering, terwijl ze vee hoeden op uitgestrekte, bijna verlaten ranches. Ooit werden zij gezien als symbolen van vrijheid, maar hun manier van leven staat nu op een keerpunt. De bredere regio ondergaat snelle sociale, culturele en economische veranderingen, en steeds minder jongeren streven een leven op het platteland na. De puesteros schommelen tussen het omarmen van verandering en het zich ertegen verzetten. Hun met elkaar verweven verhalen onthullen een intiem portret van mannen die aan de rand van de wereld leven en doorzetten omdat ze wel moeten. Velen zijn gedwongen te werken zolang hun lichaam het toelaat, want het systeem kent geen echt pensioen. Een beschouwing over stilte, menselijke veerkracht en het onvermijdelijke verstrijken van de tijd.

Pie Aerts – Coirón
gedicht: Iván Rojel Figueroa
essay: Alberto Harambour
GOST Books, € 80,-
Ook recent verschenen: Steff Reimers – Guilty Grounds







