Hoe maak je betere foto’s en video’s in de winter

0
Winter

Vijf Focus-redacteuren geven tips over het maken van foto’s en video’s in de winter

In de winter kun je mooie foto’s en video’s maken. Sneeuw, mist, ijs en misschien zelfs wel noorderlicht! Maar waar moet je op letten, wat moet je wel doen en wat niet? En, ook niet onbelangrijk, hoe houd je het warm. Focusredacteuren Ger Meesters, Jan Paul Mioulet, Mich Buschman, Martien de Man en Bas de Meijer vertellen je meer, wie weet inspireert het je. Laat die winter maar komen!

Ger Meester: Noorderlicht

Het noorderlicht is een schitterend natuurfenomeen, dat echt bij de winter hoort. Vanuit een zuidelijke positie, bijvoorbeeld Nederland, zie je voornamelijk blauw en rood noorderlicht en in het noorden van Scandinavië en in IJsland toont het voornamelijk groen. Om noorderlicht te kunnen zien heb je drie dingen nodig: hoge activiteit op de zon in de voorbije dagen, duisternis en een onbewolkte hemel. De beste kansen om noorderlicht te zien heb je op noordelijke breedtegraden, bijvoorbeeld in Noord-Noorwegen (Lofoten, Troms en Finnmark), Noord-Zweden (Zweeds- Lapland, bijvoorbeeld bij Jokkmokk en Abisko) en Noord-Finland (Fins-Lapland, bijvoorbeeld Rovaniemi en de vele wintersportoorden aldaar die goed met charters zijn te bereiken). IJsland is ook een goede reisbestemming voor noorderlicht, al wordt het eiland soms langdurig geplaagd door depressies met veel bewolking en neerslag. Slechts na bijzonder krachtige zonneexplosies is het noorderlicht in Nederland te zien, zoals onlangs in begin november. Omdat noorderlicht direct gebonden is aan zonneactiviteit kan er een noorderlichtverwachting worden gemaakt, maar slechts over een periode van hooguit enkele dagen. Een leuke site daarvoor is de poollichtmonitor van Weerstation Hallum.

Winter
Rörsjön, Härjedalen, Zweden. Voor het fotograferen van noorderlicht heb je een heldere avond/ nacht nodig. De volle maan staat rechts van dit beeld, terwijl het mistig begint te worden. Dit zorgt voor de wat gedempte sfeer, maar de maan levert ook het licht op de bootjes in de voorgrond. De ‘steelpan’ en de overige sterren van het sterrenbeeld Grote Beer zijn goed te herkennen. BRANDPUNTSAFSTAND 17 MM, DIAFRAGMA 2,8, SLUITERTIJD 10 SECONDEN, ISO 400 ©Ger Meesters

Noorderlicht fotograferen
Voor het fotograferen van het noorderlicht heb je genoeg aan een normale fotografieuitrusting; een systeemcamera, een lichtsterk groothoekobjectief, een stevig statief en een afstandsbediening. Kleed je naar het weer en zorg er ook voor dat je camera goed kan acclimatiseren, maar stel hem niet te lang bloot aan extreme kou zonder dat hij actief is. Zoek een mooie omgeving, waar je goed zicht hebt op het zwerk en liefst met een mooi landschap eronder (water doet het altijd goed, vanwege de reflecties).

Omdat je in het donker fotografeert, zijn je ogen gewend aan de duisternis. Het beeld op display van je camera lijkt dan al gauw goed. Als je dan weer thuis bent en de foto’s gaat bekijken, zullen ze vaak te donker blijken te zijn. Het is daarom een goed idee om de noorderlichtfoto’s voor je gevoel iets over te belichten. Varieer daarom de sluitertijd, zodat je wat te kiezen hebt, en fotografeer in raw!

Instellingen
De camera wordt bij het fotograferen van noorderlicht geheel handmatig bediend:

  • Kies het grootste diafragma van je objectief, bijvoorbeeld 1,4 of 2,8.
  • Selecteer een vrij lange sluitertijd, bijvoorbeeld 10 seconden, maar de juiste tijd is afhankelijk van de intensiteit van het noorderlicht en het niveau van het omgevingslicht.
  • Daar het noorderlicht zich op een hoogte van 80-150 km bevindt, kun je op oneindig scherpstellen, waarbij je ervoor zorgt dat de sterren puntvormig worden weergegeven. Zet je camera op manual-focus en plak de scherpstelring daarna vast met een stuk tape, zodat je de scherpstelling niet per ongeluk verandert.
  • Het is niet nodig om extreem hoge ISO-waarden te gebruiken: ISO 800 tot 1600 is hoog genoeg en voorkomt al te veel ruis.
  • Schakel ruisonderdrukking bij lange belichtingstijden uit als je zo veel mogelijk foto’s wilt maken, want het ’wegrekenen’ van de ruis duurt net zo lang als de belichtingstijd van de opname (er wordt een dark frame gemaakt met de generieke ruis van de sensor en dat frame wordt afgetrokken van je eigen opname). In de tussentijd kun je niet verder fotograferen. Door voor wat hogere ISO-waarden te kiezen en minder lange sluitertijden te gebruiken, krijg je wel enige ruis in de foto’s, maar dat is in de beeldbewerking goed op te lossen.
  • Zet beeldstabilisatie uit als je de camera op een statief gebruikt. Gebruik geen filters op het objectief om een zo helder mogelijk beeld te krijgen. Maak zo veel mogelijk foto’s en varieer je standpunt, maar geniet ondertussen van dit wonderbaarlijke fenomeen.

Jan Paul Mioulet: Hou van de kou

De winter is een prachtig seizoen voor fotografie. Zodra de eerste sneeuw valt worden de modder en de rottende bladeren van de herfst bedekt met een witte laag die het licht verspreidt en een sprookjesachtige sfeer geeft. Fotograferen met extreme kou vraagt echter wel om wat voorbereiding om er echt van te kunnen genieten. Dat begint bij jezelf. Als je het koud of nat krijgt en je gaat rillen, dan is de lol er wel vanaf en neem je geen goede foto’s meer. Hou jezelf daarom droog en warm. Draag een buitenlaag van waterdichte en ademende kleding met daaronder een warme laag van fleece of dons en op je lijf een dunne laag die vocht (lees: zweet) goed afvoert. Voor extreem weer maken Scandinavische merken als Aclima of Brynje hiervoor ondergoed van merinowol met een gaatjesstructuur die je zowel warm als drooghoudt. Vergeet ook niet om je hoofd en hals te bedekken en natuurlijk zijn handschoenen belangrijk. Er zijn handschoenen waarbij je de vingertoppen of de hele bovenkant kunt omklappen zodat je de camera gemakkelijk kunt bedienen. Een alternatief is om dunne handschoenen, liefst met vingertoppen die geschikt zijn voor touchscreens, te combineren met dikke wanten die je even uitdoet als dat nodig is. Draag goede, waterdichte schoenen en denk als het glad is ook aan microspikes die je daaronder kunt doen voor extra grip. Als de zon fel schijnt, vergeet dan niet om een zonnebril en zonnebrand mee te nemen.

Winter
Fotograferen in de sneeuw en de kou is met de juiste voorbereiding een feest; zelfs als je dat doet in Abisko, 200 kilometer ten noorden van de poolcirkel © Jan Paul Mioulet

Je apparatuur kan het bij extreme kou al net zo zwaar hebben als jijzelf. Vooral als je regelmatig vanuit een warme omgeving de kou in gaat en weer terug. Die overgangen zijn niet goed voor je apparatuur en het gevaar van condens op en in je spullen is groot. Op korte termijn kun je met een objectief dat van binnen beslagen is, niet fotograferen. Op lange termijn kan het voor storingen en kortsluiting zorgen. Laat je apparatuur daarom langzaam wennen aan temperatuurverschillen. Bijvoorbeeld door je camera, als je naar buiten gaat, niet meteen uit je tas te halen. Wil je niet hoeven wachten, zet dan een half uur of een uur voor je er zelf op uit gaat, je tas al buiten of in je auto. Dat zorgt ervoor dat je sneller aan de slag kunt. Ga je weer de warmte in, haal dan buiten eerst je geheugenkaart uit je camera zodat je binnen bij je bestanden kunt. Pak vervolgens je apparatuur in plastic zakken in, doe die goed dicht en haal alles er pas uit als je spullen op temperatuur zijn. Dat voorkomt condens. Je tas eerst in een wat minder warme ruimte op temperatuur laten komen is ook een goed idee en in extreme gevallen, kun je zelfs overwegen om je apparatuur binnen koud te bewaren, bijvoorbeeld in de koelkast of een vriezer of een koude opslagruimte. Voor camera’s en objectieven werkt dat, maar juist niet voor accu’s. Die moet je zoveel mogelijk warm houden. Bewaar ze daarom het liefst onder je jas en zorg dat je er een aantal extra bij je hebt.

Winter
© Jan Paul Mioulet

Een accu die in de camera 0% aangeeft, hoeft niet per se leeg te zijn. Als je hem weer op kunt warmen onder je kleding, kan hij best nog even wat stroom geven. Camera’s met PD (Power Delivery) kun je ook voeden met een wat langere USB-C kabel en een powerbank in je binnenzak. Als je buiten aan het fotograferen bent, bescherm je camera en objectieven dan ook tegen vocht en kou. Steeds meer camera’s en objectieven zijn vocht- en vorstbestendig, maar vocht dat eenmaal ergens onder of tussen een knop of klep komt, gaat daar niet snel weg en tast op de lange duur je pakkingen aan. Daarom kun je beter zorgen dat je je spullen drooghoudt, met bijvoorbeeld een plastic zak of hoes over je camera en objectief. Een laatste tip: als je een statief gebruikt, doe dan ook hoezen om je statiefpoten zodat ze niet zo koud aanvoelen en je niet het risico loopt om er (bij aluminium statieven) zelfs aan vast te vriezen.

Mich Buschman: Mist, de stilte in beeld

Winter
IJsland. De anders donkere bergwanden spelen bij mist geen rol meer, alle aandacht gaat uit naar de ijsschotsen © Mich Buschman

Het natuurverschijnsel mist spreekt tot de verbeelding; we ervaren het als stemmig, sereen, stil, zelfs magisch. Maar ook negatieve contexten als gevaarlijk en angstig worden genoemd. Allerlei persoonlijke ervaringen en belevenissen spelen hierbij een rol. Mist verschijnt in verschillende gedaantes: als zeemist, grondmist, in nevelslierten. Ook dampen, stoom en andere vormen van neveligheid hebben vergelijkbare effecten: naarmate onderwerpen verder weg zijn verliezen ze kleur, contrasten helderheid. Door deze dieptewerking krijgen voorwerpen, of onderwerpen, dichtbij automatisch meer aandacht omdat de versluiering daar amper effect op heeft.

Voorbereiding
Onderzoek vooraf wanneer er zich mist ontwikkelt en wáár. Ken je die locatie? Is de afstand doenlijk? Is de ochtendmist niet al deels opgelost op het moment dat jij arriveert? Hoe is het landschap? Zijn er gelaagdheden? Dat geldt ook voor opnames in de steden, aan havens, enzovoorts. Omdat er een ‘coulissenlandschap’ ontstaat is je standpunt van groot belang: wat dek je af, wat geef je meer aandacht? Een bekende omgeving lijkt soms nieuw… Close-ups en silhouetten krijgen nieuwe verschijningsvormen: de achtergrond doet enkel mee als een vaag kleurvlak.

Winter
Kleuren vervloeien in pasteltinten, de voorgrond levert informatie © Mich Buschman

Fotograferen
Kleed je zoals bij regen, naarmate je langer buiten bent worden jij en je apparatuur natter. Er is minder licht, neem een licht statief mee. Elk objectief is bruikbaar. Omdat je onderwerpen dichtbij liggen, besteed je extra aandacht aan de scherptediepte; soms moet je sterker diafragmeren. Wanneer je automatisch scherpstelt op details met effen contrasten, dan kan de autofocus daar moeite mee hebben. Stel dan handmatig scherp en controleer dat detail vergroot op het display. Tegenwoordig zijn hogere ISO-instellingen zoals ISO 400 en 800 van een zeer goede kwaliteit. Test dat voor jouw camera uit en selecteer zo’n waarde als je statief thuis ligt. De mist ervaren (!) we als lichter. Houd daar rekening mee bij het instellen van de belichting. Ga eens uit van één stop overbelichting. Middengrijze en ‘donkere’ mist ervaren we als somber. Bovendien gaat dat ten koste van de helderheid van je onderwerp in de voorgrond. Korreligheid en ruis kunnen bijdragen aan de sfeer, zeker als je je opnames in zwartwit omzet. Lange brandpunten versterken de vervlakking. Fotografeer in raw. De camerasoftware voert het contrast, de kleurweergave en de randscherpte bij jpegbestanden op, waardoor een deel van de zachte sfeer verloren gaat. In de nabewerking kun jij de witbalans aanpassen en een persoonlijke invulling aan de bedoelde sfeer meegeven. Uitgebreidere informatie en meer fotovoorbeelden lees en zie je in ‘Het mysterie mist’, nummer 1/2 en nummer 03 van Focus 2022.

Martien de Man: Filmen in de sneeuw

Het maken van een video in een besneeuwd landschap kent, voor wat betreft lichtmeting en het beheersen van de soms hoge contrasten, nagenoeg dezelfde uitdagingen als bij fotografie. Alleen er komen nog wel enkele aandachtspuntjes bij wanneer je je camera in de filmstand zet.

ND-filter
Met zoveel licht als de sneeuw terugkaatst ontkom je eigenlijk niet aan het gebruik van een grijsfilter (neutral density (ND) filter). Als je namelijk de gewenste sluitertijd, van meestal 1/50 seconde, wilt aanhouden, zou je anders het diafragma bijna volledig dicht moeten draaien. Zo’n heel kleine diafragmaopening heeft een nadelig effect op de beeldkwaliteit en laat je video er een beetje uitzien alsof die met een goedkope handycam is geschoten. De grote scherptediepte versterkt deze indruk nog meer. Een ND-filter dat 4, 6 of 8 stops licht weg neemt, zorgt ervoor dat je op het optimale diafragma van je objectief kunt werken of eventueel zelfs op volle opening voor een mooie onscherpte in de achtergrond. Een variabel ND-filter vergemakkelijkt het werken nog meer; je regelt dan de hoeveelheid licht dat binnenkomt met het draaifilter en hoeft dan verder niet met het diafragma of de ISO-waarde te werken om rond de 1/50 seconde uit te komen. Variabele ND-filters introduceren door hun constructie vaak wel een lichte kleurzweem in het beeld. Deze is meestal wel eenvoudig te verhelpen door het maken van een custom white balance, maar aangezien de hoeveelheid (meestal groen) zweem varieert, met de stand van het filter kan dit toch wel een vervelend fenomeen zijn. Zelf kies ik er dan vaak voor om een custom white balance te maken met het filter in de middelste stand, half dicht dus, dat geeft gemiddeld een neutrale kleurweergave. Wanneer er in de edit toch een lichte kleurzweem zichtbaar is, doordat het filter in zijn uiterste standen is gebruikt, is de kleur vaak nog wel goed te corrigeren. Voor het maken van de custom white balance gebruik ik een opvouwbaar grijsfilter, dit is uiteraard ook perfect om de juiste belichting in te stellen in een lastige situatie als die in de sneeuw. Pas er overigens voor op om een variabel grijsfilter helemaal dicht te draaien; veel filters verdonkeren het beeld dan niet egaal meer, maar laten sterke vignettering of zelfs lelijke patronen zien. Alleen de allerduurste variabele ND-filters hebben dit effect weinig of geheel niet en hebben soms ook minder last van de groenzweem. Variabele ND-filters die in een adapter gebruikt worden om spiegelreflex-objectieven op een systeemcamera te kunnen gebruiken, hebben door hun betere positie in het optische pad vaak ook minder last van deze artefacten.

Winter
Wanneer je in een erg heldere omgeving filmt, en zeker wanneer je een Log-profile gebruikt, is vaak een combinatie van een variabel ND-filter met een gewoon ND-filter en een step-up-ring nodig om voldoende licht weg te kunnen nemen ©Martien de Man

Contrast
Video kan helaas niet tippen aan de grote contrastomvang die een raw-foto kan behappen. Heel lichte of donkere partijen zullen dus veel eerder uitbijten of dichtlopen. Dat maakt dat je met video extra goed op je belichting moet letten; je hebt eigenlijk niet de luxe om er een beetje naast te zitten. Vooral je hoge lichten moet je goed beschermen. Het histogram is hiervoor het uitgelezen meetinstrument en gelukkig beschikken veel systeemcamera’s daarnaast ook over een zebra-weergave, die overbelichting kan weergeven. Probeer beide tools eerst thuis eens rustig uit, voordat je je aan een opdracht of een leuke vakantiefilm waagt. Bij steeds meer camera’s kun je ook een LOG-profiel gebruiken om het dynamisch bereik van je videobeeld te vergroten. Door het LOG-profiel worden tijdens de opname donkere partijen wat lichter geregistreerd en lichte partijen juist wat afgezwakt. Het resulteert in een heel grijzig plaatje, omdat ook de saturatie van de kleuren verlaagd wordt. In de edit geeft het je echt wel meer ruimte met colorgrading. Je kunt namelijk zelf bepalen hoeveel contrast en saturatie je toevoegt. Ook wanneer je in Log filmt is het erg belangrijk om je hoge lichten te beschermen. Test dit ook eerst eens goed uit, want je lichtmeter en histogram hebben soms een wat minder betrouwbare meting wanneer je een LOG- profiel gebruikt. Daarnaast moet je vaak een hogere ISO-waarde gebruiken om het LOG-profiel effectief te laten zijn. Die hogere gevoeligheid zorgt er in de sneeuw dan weer voor dat je nog eerder met onacceptabel kleine diafragmaopeningen moet werken of zelfs overbelichting krijgt. Zo zijn we weer terug bij het ND-filter; wanneer je in LOG filmt heb je dus vaak een nog zwaarder ND-filter nodig. Ik combineer dan vaak een gewoon ND-filter met een variabel ND-filter om deze laatste niet te ver dicht te hoeven draaien. Maar deze combinatie vereist dan vaak wel een step-upring en een variabel ND-filter met een grotere filtermaat dan het objectief heeft om vignettering te voorkomen. En dat maakt het dan weer lastig of onmogelijk om een zonnekap te gebruiken. Daar is dan ook wel weer een oplossing voor, zie daarvoor het artikel over de mattebox in nummer 4 van Focus 2023.

Bas de Meijer: Zingen in de regen

Het regent bijna nooit in Nederland, toch ontkomen we er haast niet aan om in de regen te fotograferen. Zoals fietsers zeggen dat er geen slecht weer is, alleen maar slechte kleding, hoeft regen helemaal geen belemmering te zijn voor mooie foto’s. Integendeel zou ik haast zeggen, ik fotografeer juist graag als het regent. De afgelopen weken hadden we aan regen
geen gebrek. Het is verleidelijk om dan lekker binnen droog te blijven. Beter voor de fotograaf en de camera zou je denken. Maar trek een goed regenpak aan en bij voorkeur schoenen die tegen flink wat water zijn bestand.

Winter
Als het regent is iedereen vooral met zichzelf bezig en kun je als straatfotograaf makkelijk werken ©Bas de Meijer

Bescherming
Voor de camera bestaan regenhoezen die je kostbare apparatuur beschermen. De duurdere camera’s hebben goede afdichtingen. Dat helpt zeker, maar vertrouwen er niet honderd procent op. Uit ervaring kan ik vertellen dat ook die afdichtingen op een gegeven moment het water niet meer buiten kunnen houden. Zelf werk ik nooit met de regenhoezen.
In plaats daarvan heb ik vaak (hand)doekjes bij me. Daarmee kan ik tussendoor de camera en objectief weer droog maken. De doekjes worden nat, dus meerdere kleinere is handiger dan één grotere. Tussen het fotograferen door kun je de camera wegstoppen in een goede tas of onder je jas. Al heb je bij de laatste wel kans op condensvorming op het moment dat je weer een foto wil maken. Lensdoekjes mee is geen overbodige luxe dus. Een goede zonnekap helpt om de regen van het frontglas te houden, zeker bij telelenzen werkt dat heel erg goed. Eenmaal weer thuis is het belangrijk om je apparatuur goed droog te maken. Zet de camera zonder objectief of beschermdop op een stofvrije plaats, haal de accu en geheugenkaart eruit en laat zo de camera even uitdrogen. Ook het objectief kun je zo zonder beschermdoppen even laten staan. Het voorkomt dat vocht in je apparatuur blijft zitten en zo dure vochtschade kan veroorzaken.

Contrasten
Maar waarom zou je je apparatuur zo blootstellen aan vocht en jezelf zo nat en koud laten worden hoor ik je denken. Omdat fotograferen in de regen, of andere neerslag, heel mooi beeld kan opleveren. Zeker in de herfst en winter, met een laagstaande zon. De regen zorgt voor bijzondere reflecties. Daardoor gebeurt er meer op een foto. Op de natte straten zie je de reflecties van je onderwerp. Helemaal mooi is dat als het donker is. De kleuren van de lampen geven al snel een bijzonder sprankelend beeld. Bij sneeuw heb je een prachtig reflectiescherm op de grond, wat voor een mooi invullicht kan zorgen. Een van mijn favoriete momenten is eigenlijk vlak voor het noodweer losbarst. Met een goed donkere lucht aan de ene kant en laag zonlicht van de andere kant. Je onderwerp wordt verlicht door de zon en de dreigende lucht vormt een prachtige achtergrond vol contrast.

Winter
Een donkere lucht en net een klein beetje zon. Het levert een bijna monochroom beeld op ©Bas de Meijer


Zing
Bij regen, zeker als het hard gaat, zijn de meeste mensen op straat alleen maar bezig met de regen. Ze zitten weggedoken onder paraplu of regenkleding en letten niet meer op de omgeving, Alleen maar om zo snel mogelijk weer binnen te zitten. Ideaal voor straatfotografie, want de mensen hebben ook voor jou geen of nauwelijks aandacht. Ik heb wel eens een tijdje met iemand bijna onder de paraplu meegelopen, zonder dat de persoon opkeek wat ik aan het doen was. Heerlijk. De getergde blikken zijn ook wel mooi, eens wat anders dan alleen maar blije Instagram-blikken.
Tot slot: zing als het regent. Of wees in elk geval opgewekt. Het maakt het weer niet droger, maar je humeur wel beter. En dat is altijd fijn.

Dit artikel komt uit nummer 12 van Focus 2023, haal hem nu in huis! Vergeet daarnaast niet te kijken naar de andere genoemde edities in het artikel dat je zojuist gelezen hebt.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Geef je reactie!
Schrijf hier je naam